Onlangs gebeurde er zo’n moment voor mij. Terwijl ik letterlijk onderweg was - haastig, in beweging, bezig met alles wat groeit en ontstaat - gleed ik uit en viel hard. Het was gewoon praktisch te verklaren: gladde schoenen, een ongelukkig plateau, te veel snelheid. Toch voelde het alsof de tijd heel even stilviel.
Diezelfde periode stond ook in het teken van een ander afscheid. Iemand die zestien jaar deel uitmaakte van mijn leven koos ervoor ons contact los te laten, uit liefde voor een nieuwe relatie. Een begrijpelijke keuze. En tegelijkertijd een afscheid dat dieper voelde dan ik had verwacht.
Pas later begon ik te zien wat deze momenten gemeen hadden: ze markeerden geen einde alleen, maar een overgang.
Wat ik toen nog niet wist, is dat zulke momenten vaak geen losse gebeurtenissen zijn. Ze horen bij een fase waar we zelden woorden voor hebben. Een periode waarin het oude al loslaat, terwijl het nieuwe nog geen vaste vorm heeft gekregen.
We zijn gewend om veranderingen te herkennen wanneer ze duidelijk zijn: een nieuwe baan, een nieuwe relatie, een verhuizing. Maar de meest ingrijpende overgangen gebeuren stiller. Ze kondigen zich aan via gevoelens die moeilijk te plaatsen zijn, onrust en rust tegelijk, verdriet naast opluchting, het besef dat je vooruitgaat terwijl een deel van je nog even wil blijven staan.
In mijn werk als matchmaker zie ik dit vaker dan mensen zelf doorhebben. Liefde begint namelijk niet alleen bij het ontmoeten van iemand anders, maar bij het moment waarop je ruimte maakt voor een nieuwe versie van jezelf. En die ruimte ontstaat bijna altijd doordat iets anders eerst eindigt.
We denken vaak dat afscheid het tegenovergestelde is van liefde. Maar misschien is het juist een van haar meest eerlijke vormen. Soms betekent liefde namelijk dat je iemand zijn weg gunt, zelfs wanneer die weg niet langer naast de jouwe loopt.
En ergens tussen loslaten en verdergaan ontstaat iets bijzonders: stilte. Niet de lege stilte van gemis, maar een tussenruimte. Een plek waarin je opnieuw leert luisteren naar jezelf, zonder oude rollen, zonder verwachtingen die ooit vanzelfsprekend waren.
Misschien is het belangrijkste dat we hieruit kunnen meenemen: je hoeft deze overgang niet te “fixen”. Je hoeft niet te weten wat er precies gaat komen. Het enige wat nodig is, is aanwezig zijn, voelen, observeren, ademen en soms gewoon even stil zijn.
In die ruimte ontstaat vertrouwen. Vertrouwen dat wat komt, bij jou past. Vertrouwen dat loslaten niet betekent verliezen, maar kiezen. En dat de liefde - voor jezelf en voor anderen - juist begint op het moment dat je durft te stoppen met vasthouden aan hoe het ooit was.
Dus als je merkt dat je middenin zo’n stille overgang zit, wees mild voor jezelf. Laat het oude los. Voel wat je voelt. En weet dat je ondertussen al aan het groeien bent, vaak zonder dat je het doorhebt.
Want soms betekent vooruitgaan niet harder rennen, maar zachter bewegen. En precies in die zachtheid begint een nieuwe liefde , niet alleen voor iemand anders, maar voor jezelf.
Wil je even stilstaan bij je eigen overgang? Schrijf op wat je loslaat, wat je vasthoudt en waar je nu ruimte voor wilt maken. Soms is het delen van die gedachten genoeg om te merken dat je al verder bent dan je denkt en dat een nieuwe liefde, voor jezelf en anderen, al zachtjes in beweging kwam.